Taalselectie

imageimageimageimageimage
 
 
Wij, missionarissen van het Heilig Hart,
zijn leden van een actieve congregatie die als bijzondere opdracht hebben
in het contact met de wereld, de dingen, de dieren en de mensen
de goedheid van God zichtbaar te maken en misschien zelfs te vermeerderen.
Ons wordt gevraagd de weg van het hart te gaan.
S. van Tilborg msc

Spiritualiteit

De dialoog die ‘missie’ heet, voltrekt zich niet alleen in het domein van geloof en religie. Ook de sociaal-economische werkelijkheid, de politiek en de cultuur, kortom alles wat alles kan bijdragen of afbreuk doen aan het geluk van mensen en aan het welzijn van onze samenleving wordt in deze dialoog betrokken. Waar geluk en welzijn in het geding zijn, daar mogen christenen zich niet aan hun zending onttrekken.

Nico Akerboom: "De mensen hebben mij gevormd"

65 jaar priester en 70 jaar geprofest

Nico AkerboomIk was misdienaar bij de zusters in mijn geboorteplaats, Nieuwveen. Daar is het begonnen. Er lag een boekje over de missie van Mill Hill en ik dacht: ‘Dàt is het!’. Later vroeg de pastoor of het leven als missionaris iets voor me was. Ik hoefde niet lang na te denken en hij bracht me naar de MSC in Driehuis. Toen ik mijn professie aflegde, was pater van der Pluijm provinciaal. Het voelde alsof ik mijn leven weggaf. En toen ik priester werd gewijd, heb ik Adsum gezegd, ‘ik ben er klaar voor’. In het seminarie en ook daarna zijn er veel vertrokken, maar weggaan is bij mij nooit opgekomen! Wel heb ik moeilijkheden gekend.

Zo heb ik in Stein twee keer een nierziekte gehad. Ook al was het soms moeilijk, ik heb doorgezet. Vanwege mijn ziekte raadde de dokter me af om naar de missie te gaan. Dat heb ik geaccepteerd. Na mijn priesterwijding heb ik nog veel moeten leren. In het ‘Vijfde Jaar’ moest ik bijvoorbeeld een retraite geven en ’s middags nog een lijdensmeditatie in de parochie. Ik wist niet hoe dat moest! Dat had ik nooit geleerd!

Dankzij mijn werk bij de Missieprocuur en de Propaganda ben ik altijd bij de missie betrokken gebleven. Ik heb ook veel missies mogen bezoeken, soms maandenlang. In 1966 ging ik op bezoek in Brazilië, later ben ik naar Indonesië geweest en in 1973 naar de Filippijnen. In 1999 opnieuw naar Indonesië: deze keer naar de Molukken en naar Papua. Die reizen hielden me gemotiveerd en vooral ook geïnformeerd. Dat kwam me weer goed van pas in het werk in Nederland, bij de contacten met organisaties zoals Cebemo. Vanwege het werk heb ik in Nederland veel gereisd; ik maakte soms vijftigduizend kilometer per jaar!

Naast de Missieprocuur en de Propaganda werkte ik in het pastoraat: 25 jaar was ik assistent in Moergestel, ik heb les gegeven aan de huishoudschool in Tilburg, heb Woonwagenwerk gedaan en ik was pastor in De Zonnehof, aan de Gimbrèrelaan. Daar heb ik de oecumene van nabij leren kennen. Ik mocht mensen begeleiden naar het einde toe. Dat leidde soms tot ontroerende contacten, zoals bij een vriend in Den Haag en onlangs nog bij mijn broer … Ik voel me voldaan! Veel medebroeders en familieleden vallen weg, zoals onlangs mijn broer. Daarom is het voor mij op 21 september ‘feest met een randje’.