In memoriam pater Jacques Alkemade

Pater Jacques Alkemade

Missionaris van het Heilig Hart

‘Wij allen horen hen in onze eigen taal spreken over Gods grote daden.’                                                          Handelingen 2, 11b

Geboren

15 FEBRUARI 1936 te Stein

Eerste professie

21 SEPTEMBER 1956

Priesterwijding

16 juli 1966
Overleden

te Tilburg op 6 juli 2020

Toen Jacques in als 12 jarige jongen met zijn klasgenoten een Missietentenstelling bezocht, werd hij geraakt door het vuur van de missionaris die vertelde over het leven als missionaris in verre landen en vreemde volken. ‘Zou ik dat ook mogen’, vroeg hij aan zijn ouders. In 1949 vertrok hij naar het Kleinseminarie van de Missionarissen van het Heilig Hart in Driehuis-Velsen. Na een twaalfjarige opleiding werd hij priester gewijd. Zijn droom kon werkelijkheid worden. Hij werd uitgezonden naar Indonesië en kreeg de opdracht om in een de arme wijk van Jakarta, Kamakmurean in Kampong Duri missionaris te zijn. Hij bouwde daar en kerk en scholen en gaf leiding aan zijn parochie. Dit mocht hij 13 jaar doen, langer liet zijn gezondheid het niet toe.

In Nederland werd hij missionaris in een geseculariseerde samenleving en werkte in de parochies in Arnhem, Eindhoven en Sittard.

Hij was trouw aan zijn parochianen en schoolde zichzelf door veel te lezen en hoopte op de vernieuwingen in de Kerk die het Tweede Vaticaans Concilie beloofd had.

Naast zijn taak als parochiepriester was hij tevens overste van de communiteit en was ook een periode lid van het Provinciaal bestuur.

Hij maakte kerksluitingen mee en was de laatste die de deur sloot van het klooster in Overhoven-Sittard.

In 2014 verhuisde hij naar Notre Dame in Tilburg, het zorgcentrum voor de religieuzen.
Hier wilde hij het liefst als ‘monnik’ leven.
Hij kon nog regelmatig voorgaan in de Eucharistie dat was voor hem de kern van zijn priester-zijn.
Hij verkende met zijn fiets en later met de auto het Brabantse land en zo kon hij zichzelf heel goed vermaken.
Zijn gezondheid werd minder: zijn fiets moest hij laten staan en later ook de auto.
Met weinig woorden en ongezouten humor bleef hij betrokken bij de communiteit en allen die hem verzorgden.
Toen hij in het ziekenhuis terecht kwam vroeg hij om de ziekenzalving. Het was niet moeilijk voor hem om afscheid te nemen van het leven want hij verlangde naar de dood. Hij kreeg nog enkele weken om op zijn eigen kamer op de dood te wachten. Daar is hij op 6 juli in vrede ingeslapen onder het wakend oog van beide provinciaals:
Theo te Wierik en Lies Alkemade.
Dat hij rust en vrede mag ondervinden in Gods eeuwige Liefde.