Preek 16 maart 2025

Overweging veertigdagentijd 2C Door Ton Zwart msc

Godsdienst, dienst aan God. God een dienst bewijzen, iets doen voor God wat Hij graag heeft. Het is wat we in deze viering proberen te doen: luisteren naar het woord van God en dat in ons leven ter harte nemen.
Een moeilijkheid met godsdienst is wel dat God zo ongrijpbaar is, een werkelijkheid die achter onze wereld schuilgaat. Wat wij zien en wat wij met onze zintuigen kunnen waarnemen, is alleen maar schepsel. Iets dat niet op eigen benen kan staan, iets dat verschijnt en weer verdwijnt. Alleen Hij die wij God noemen heeft vastheid en blijft voor altijd bestaan: de Eeuwige.
De Bijbel weet van God en vertelt verhalen over God, verhalen waarin God verschijnt en zich op een of andere manier bekend maakt. Twee van die verhalen hebben we vandaag gehoord, het eerste over Abraham en het tweede over Jezus. Die verhalen vertellen niet alleen iets over God, maar ook over hoe wij mensen op Gods verschijnen reageren. Twee woorden zijn me daarbij opgevallen. Slaap is het eerste woord en vrees het tweede.
Het verhaal van Abraham. Hem is een talrijk nageslacht beloofd en een land dat druipt van melk en honing. Maar vooralsnog is hier weinig van te merken. Isaak is nog niet geboren en hij bezit maar een klein stukje land dat hij heeft kunnen kopen om als begraafplaats te dienen. Het ziet er niet florissant uit. In deze situatie vindt er een merkwaardig ritueel plaats. Abraham krijgt te horen dat hij een driejarige koe, een driejarige bok, een driejarige ram, een tortel en een jonge duif door midden moet snijden en de helften tegenover elkaar moet plaatsen. Dan gaat het gebeuren bij zonsondergang. God verschijnt maar Abraham ziet dat niet. Hij valt in diepe slaap, die gepaard gaat met hevige angst en duisternis. God verschijnt maar dit is voor een mens te groot, te ontzagwekkend dat hij er getuige van kan zijn. Zijn ogen moeten dicht en een huivering moet door hem heen trekken.
Ook in het evangelie komen slaap en vrees terug. Net op het moment dat de aanblik van Jezus verandert en Mozes en Elia met hem beginnen te spreken, raken de drie apostelen door de slaap overmand. Het goddelijke mag niet te dichtbij komen. Hun ogen mogen het goddelijke gebeuren niet zien. Hun ogen moeten dicht, een diepe slaap is het antwoord.
Ook in het evangelie is er sprake van vrees, niet aan het begin maar tegen het einde van het verhaal. De drie apostelen worden door een wolk omhuld en uit die wolk klinkt een stem, die hen toespreekt: “Dit is mijn Zoon, de Uitverkorene, luistert naar Hem”. De wolk als beeld van God, zowel aanwezig als afwezig. De wolk die dichtbij is, omhullend zelfs, maar ook ondoordringbaar voor onze ogen. God blijft de Ongeziene, niet waarneembaar met onze zintuigen.
Het besef van de onaantastbaarheid van God roept vrees op bij de drie apostelen. Ze weten dat ze maar heel klein zijn, nietig eigenlijk. Wat hun overkomt, hebben zij op geen enkele wijze aan zichzelf te danken. Zij mogen er alleen maar huiverig bij aanwezig zijn.
Slaap en vrees. Als alles hiermee zou eindigen, hebben de verhalen toch iets onbevredigends. Waar blijft de heilsboodschap? Waar blijft het Goede Nieuws? Die is er wel degelijk. Al heel duidelijk in het verhaal van Abraham en de doorgesneden dieren. Volgens het verhaal gaat een rokende oven en een vurige fakkel tussen de stukken door. Tegelijk klinkt de stem van de belofte: “Aan uw nakomelingen schenk ik dit land vanaf de beek van Egypte tot aan de grote rivier, de Eufraat”. Het ritueel blijkt zo een plechtige eed: “Ik, God, beloof je dit land. Als ik mijn belofte niet houdt, mag met mij gebeuren, zoals met deze dieren. Ook ik mag dan in stukken worden gesneden!”. Deze eed moet Abraham ervan overtuigen, dat de belofte wel degelijk waar gemaakt wordt, ondanks de feitelijke situatie van geen zoon en van geen land.
In het evangelie van de gedaanteverandering hebben de drie apostelen even mogen zien wie Jezus ten diepste is. Zij zijn door de wolk omhuld geworden en hebben de Stem gehoord: “Dit is mijn Zoon, de Uitverkorene, luistert naar Hem”. Hiermee wordt hun de weg gewezen. Wat er ook nog gaat gebeuren in het leven van Jezus, wat zijn heengaan in Jeruzalem gaat betekenen, zijn gevangenneming in de Hof van Olijven en zijn terechtstelling op Golgotha. Zij moeten aan Hem vast blijven houden. Zij moeten naar Hem blijven luisteren, want ondanks alle schijnbare tegenslagen, ondanks de schijnbare mislukking, zal uit dit alles redding te voorschijn komen. Het leven blijkt sterker dan de dood, het licht overwint de duisternis, liefde triomfeert over afwijzing en verwerping. Uiteindelijk blijkt de boodschap een boodschap van hoop. De weg naar Jeruzalem is een bewust gekozen weg. Het lijkt een mislukking te worden, maar wordt uiteindelijk een overwinning.
Vasthouden aan Jezus, naar hem blijven luisteren, wat er ook gebeurt in ons eigen leven. En blijven geloven dat we dank zij hem uiteindelijk goed terecht zullen komen. Amen

Leave a comment