Preek 16 november 2025

Zondag. 16 november 2025
LEZINGEN
Maleachi 3, 19-20a
2 Tessalonicenzen 3, 7-12
Lukas 21, 5-19

OVERWEGING, Lukas 21, 5-19 Door Ben Verberne msc
Dit is een beklemmend evangelie. Jezus bezoekt met zijn leerlingen de tempel van Jeruzalem en van een afstand bekijken ze vol bewondering dat prachtige gebouwencomplex. Generaties hebben eraan gewerkt om het te maken tot ‘woonplaats van God onder de mensen’.
De woorden die Jezus dan spreekt, zijn hem nog lang na gedragen: Van heel deze tempel, zegt hij, zal er geen steen op de andere blijven! Ik denk dat de omstanders hun oren nauwelijks konden geloven: Wie durft er zoiets te zeggen over de tempel! Die woorden maakten ze boos en ze werden er ook angstig van, want … stel je voor dat het zou gebeuren, dan zouden al hun zekerheden als een kaartenhuis in elkaar vallen! Vandaar hun gretige vragen: Wannéér gaat dat gebeuren? Waaraan kun je aflezen dat het zover is?

Angst hoort bij het leven van mensen; iederéén kent angst. Vandaag hebben veel van onze angsten een naam gekregen in het leven van alledag. Sommige mensen hebben faalangst. Anderen hebben verlatingsangst. Sommigen hebben hoogtevrees, of pleinvrees… Je hoeft echt niet zwaar neurotisch te zijn om sporen van angst bij jezelf te herkennen – zeker niet vandaag, want dit is een beklemmende tijd.
Als we dit evangelie vérder lezen, dan blijkt dat de toespraak van Jezus nog veel langer is dan wat we vandaag hebben gehoord. Dit gedeelte over het einde van de tijd was nog maar het begin. Maar het tweede gedeelte is eigenlijk het meest hoopvolle gedeelte: dat gaat over God die zich laat zien als koning van hemel en aarde, en van heel de schepping. Terwijl in het éérste deel – dat we zojuist gehoord hebben – de nadruk ligt op de chaos en de ontreddering die daaraan voorafgaan. Er wordt gewaarschuwd voor mensen die zich uitgeven als profeten, maar het niet zijn, en voor mensen die er niet voor terugschrikken hun eigen familie te verraden!

Toen de evangelist Lukas dit alles opschreef, toen ervaarden de eerste christenen aan den lijve dat er een weerstand tegen hen opkwam, en er groeide ook steeds meer verdeeldheid van binnenuit. Daarom spoort Lukas zijn mede-gelovigen aan de moed niet te verliezen, maar staande te blijven, juist nú het erom gaat spannen: laat je toch niet meeslepen wanneer sommigen zeggen: ‘hìer is de Messias, of dààr’; je hoeft er niet over in te zitten hoe je je tegenstanders te woord moet staan, want die woorden worden je ingegeven’, en de kracht van Gods Geest zal je beschermen! Het evangelie van vanmorgen eindigt met de woorden:
‘Door standvastig te blijven zul je je leven winnen!’

Als je soms ziet wat mensen moeten doormaken in hun persoonlijke leven, in hun familie, als ze slachtoffer worden van rampen of natuurgeweld, of wanneer ze hun huizen in puin terugvinden nadat ze voor de zoveelste keer moesten vluchten dan vraag je je af: Hoe houden ze het in vredesnaam vol? Toch blijven die mensen vaak staande door de enorme vastberadenheid waarmee ze vechten om te overleven mèt hun kinderen, mèt hun kleinkinderen. Blijkbaar schuilt er in mensen een enorme kracht om te overleven, een kracht die we onmogelijk zelf kunnen ‘organiseren’, maar waarvan we soms achteraf zeggen: ‘Ik begrijp het ook zelf niet, ik sta alleen maar verbaasd dat ik het aankon’.

Misschien hebt u weleens gehoord van Ramses Shaffy. Hij leefde ongeveer 20, 25 jaar geleden. Hij wist mensen aan het zingen te krijgen en wie weet hebt u wel ooit een refrein van hem meegezongen: bid, zing, vecht, huil, – lach en bewonder. Hij zong dat vanuit zijn hart en hij al zingend hielp hij mensen beseffen dat we het nooit moeten opgeven, maar dat we met elkaar moeten doorgaan met “het leven te winnen” en ervoor te vechten om het te redden.

“Zing, vecht, huil, lach en bewonder” – dat komt, denk ik, heel dicht bij wat ‘bidden’ werkelijk is. Bidden is toch veel méér dan een Onze Vader of een Weesgegroet uitspreken. Bidden is zoveel méér dan je morgen- of je avondgebed zeggen. Bidden is: met alles wat we hebben en wat we zijn, met alles waar we doorheen moeten en wat ons overkomt, ons leven steeds opnieuw weer oppakken of – zoals op ons boekje staat: “het leven winnen”: geloven in de kracht die in je leeft, hart hebben voor anderen, barmhartig zijn, leven in balans, met eerbied voor de natuur. Soms is dat moeilijk en het lukt lang niet altijd, maar het is wel het kompas dat ons van binnenuit richting wijst.

Dat het ons nooit zal ontbreken aan goede mensen om ons heen en aan de kracht die ons steeds weer tot Leven roept.

Leave a comment