Eucharistieviering zondag 18 januari 2026.
Lezingen: Jesaja 49, 3.5-6 en 1 Korintiërs 1,1-3; Evangelie: Johannes 1, 29-34.
Door A. Egging msc.
INLEIDING
De Eucharistieviering van vandaag heeft een eigen thema namelijk Jezus Christus die “De Zoon van God” genoemd wordt. En dan is er nog een tweede thema dat samenhangt met die van de internationale ‘Week van gebed voor de Eenheid van Christenen’ : “Eén van Geest”. Wij mogen door de doop ‘kind van God’ genoemd worden. Ja, wij mogen God als ‘onze Vader’ aanroepen en hiermee is de band met Christus ook duidelijk. Kinderen van een familie zijn met elkaar verbonden. De bidweek is een uitdrukking van het verlangen om samen als christen met elkaar verbonden te voelen. Vandaag, 18 januari, begint dan de week van gebed voor de eenheid en die duurt tot en met 25 januari.
OVERWEGING
Jezus Christus is de Mensenzoon en “Zoon van God”. Raakt dit ons eigenlijk nog persoonlijk? Natuurlijk wel…. want wij mogen God ook ‘onze Vader’ noemen en hiermee zijn we ‘kinderen van God’. Dit betekent dat God ons nabij is en dat we ons met Christus verbonden mogen voelen én dat we als christen niet alleen broer en zuster van elkaar zijn, maar óók van Jezus Christus zelf. Met een gevoel dat we in de hemel en op aarde als één familie bij elkaar horen kunnen we aansluiting vinden bij dat andere thema van deze zondag, namelijk ons gebed voor de eenheid van de christenen wereldwijd namelijk: Laten we “Eén van Geest” zijn (Dus ‘Zoon van God’ én ‘Eén van Geest’). Christus heeft nooit de bedoeling gehad een verscheurde, verdeelde kerk na te laten. Alhoewel kinderen binnen een gezin of een familie onderling van karakter kunnen verschillen, voelen ze toch de verbondenheid, juist vanwege, of minstens door hun verwantschap. Ja, ze horen allemaal bij elkaar. Dit familieverband geeft meestal een veilig en vertrouwd gevoel. Het is de plek waar een kind in vrede op kan groeien, zich sterk mag voelen en bij moeilijkheden ook kan schuilen. Het tegendeel van eenheid en saamhorigheid, dat is verdeeldheid. Eenheid te scheppen is de grote uitdaging van de hedendaagse realiteit, omdat we geconfronteerd worden met polarisatie, oorlogsdreiging of zelfs met oorlog. Mis-informatie zorgt voor veel verwarring, onzekerheid en schept een onveilige situatie. Dit alles is niet iets nieuws. In de afgelopen kersttijd dachten we terug aan Jezus die in Bethlehem werd geboren als een kwetsbaar kind en daarbij de zorg en beschutting van zijn ouders nodig had. Ze moesten zelfs naar Egypte vluchten vanwege de wreedheid van koning Herodes en Hij verbleef in Nazareth bij Jozef en Maria tot aan zijn volwassenheid.
In het Mattheüs- evangelie van vorige week hoorden we van de doop van Jezus door Johannes in de Jordaan. Hét moment dat Jezus aan Zijn openbaar optreden begon. Het evangelie van Johannes van vandaag sluit hier ook op aan. Johannes roept de mensen op tot bekering en wijst naar Jezus, want Hij is het die de mensheid samenbrengt en richting geeft. Dit wordt in de getuigenis van Johannes duidelijk bevestigd. We hoorden zijn woorden: “Zie het Lam Gods dat wegneemt de zonden van de wereld” … én … “op wie gij de Geest ziet neerdalen en op Hem blijven, Hij is het die doopt met de Heilige Geest. Ik heb de Geest als een duif uit de hemel zien neerdalen en Hij bleef op Hem….. Hij is het die doopt met de Heilige Geest. Ik heb het gezien en ik heb getuigd: ‘Dit is de Zoon van God’”. We weten allemaal dat de komst en nederdaling van de duif een teken is van de Heilige Geest die helpt, Gods Wijsheid en daarmee ook een beeld is voor rust en vrede d.w.z. goede onderlinge verhoudingen en herstelde eenheid. Daarbij mogen we terugdenken aan Noach, waar de uitgevlogen duif met een groene tak terugkeert en zo het goede bericht van nieuw leven brengt. Een sprankje hoop na de ellende van de zondvloed. Dat alle leed nu voorbij is en er een nieuwe rustperiode aan zal breken. Johannes getuigt bij de doop van Jezus in de Jordaan ook van een nieuw tijdperk dat nu aanbreekt. Jezus is het die mensen rond zich verzamelt en Zijn leven is een blijvende getuigenis en opent de deur naar de goede manier van leven, die we zélf wél moeten oppakken. In de parabel van de Goede Herder geeft Jezus ons een voorbeeld: De herder die de kudde bijeen houdt, voor zijn schapen opkomt en zelfs bereid is zijn leven te geven voor de schapen die aan hem zijn toevertrouwd. Hij is hen ten dienste. Hij is de redder. We hoorden hoe Johannes de Doper terugdacht aan de tijd in Egypte waar het bloed van het paaslam, een lam nog zonder gebreken, de weg opende naar bevrijding. Jezus is onze heiland en Johannes noemt hem het ‘Lam Gods dat wegneemt de zondenlast van deze wereld’. Die ons bevrijdt en redt. Het is een groot voorrecht dat we als christenen God mogen aanspreken met ‘onze Vader’ en ook Christus als ‘onze Goede Herder’ mogen beschouwen.
Het is van belang, dat we ons in deze week waarin we bidden voor de eenheid der christenen, weliswaar bij elkaar bont gekleurd, maar een eenheid in verscheidenheid zijn en dat we ons er opnieuw bewust van worden dat we SAMEN tot Zijn kudde horen. Dat allen bijeen te brengen zijn binnen die enige schapenstal en samen Zijn kerk vormen. Anders gezegd: We vormen samen Christus’ ‘Eén Lichaam’ op aarde. Dan zullen we ook ten volle kunnen ervaren -zoals dat ook al in de eerste lezing bij Jesaja geschreven staat- dat God dan onze sterkte is.
Laten we ons daarom van harte aansluiten bij de zegening van Paulus in zijn brief aan de Korintiërs: “Genade zij u en vrede van God onze Vader en van de Heer Jezus Christus!” AMEN.