Preek 21 juni 2026

Overweging voor de 12de zondag in het Jaar A. Door Ton Zwart msc

De vervolging van christenen is helaas de wereld nog niet uit. Het lijkt er zelfs op dat het eerder erger wordt dan minder. Er is een organisatie, World Watch List, die de jaarlijkse cijfers bijhoudt. Volgens hen zijn er dit jaar, 2026, al meer christenen gedood dan in het gehele jaar 2025, bijna vijf duizend tegenover vier en een half duizend vorig jaar. Veel christenen worden ook op de vlucht gedreven doordat hun huizen en kerken worden ver-woest of hun bezittingen in beslag genomen. Het gaat dan om een geschat aantal van meer dan tweehonderdduizend.
Het is duidelijk: vrijheid van godsdienst is geen vanzelfsprekendheid in vele delen van de wereld. Het kan dan gaan om een ideologie, zoals in Noord-Korea waar geen plaats is voor christenen. Of het kan gaan om radicale stromingen van een andere godsdienst, zo-als de Islam of het Hindoeïsme. Dit is bijvoorbeeld het geval in India en in Mali. Vaak ook liggen achter de levensbeschouwelijke tegenstellingen basale conflicten over landbouw-gronden, graaslanden en waterbronnen. Nigeria en Mozambique kunnen hier genoemd worden. Vast staat in ieder geval dat het in al deze landen gevaarlijk is om een christen te zijn en daar openlijk voor uit te komen.
Wij leven gelukkig in een deel van de wereld, waar geen christenvervolging plaatsvindt. Dit betekent echter niet dat wij het gemakkelijk zouden hebben om voor ons geloof uit te ko-men. We leven tenslotte in een geseculariseerd deel van de wereld. En die secularisering zet zich nog altijd door, ondanks de recente toename van het aantal volwassen dopelin-gen. Per saldo genomen komen er nog altijd meer niet-gelovigen bij dan gelovigen.
Jezus belijden in deze wereld, wat betekent dat eigenlijk? Wat maakt de persoon van Je-zus zo bijzonder? Wat heeft hij gezegd en gedaan dat hem boven andere religieuze lei-ders doet uitsteken? Wat is er zo aantrekkelijk in hem? Het is iets om steeds weer over na te denken. Wat betekent Jezus voor ons, voor mij? Hoe zou ik zijn persoon beschrijven?
Jezus was in ieder geval niet uit op macht. In het evangelie van Johannes (6, 15) staat het verhaal van de wonderbare broodvermenigvuldiging, waarna de mensen Jezus tot koning wilden maken. Maar hij trekt zich dan terug, alleen, op de berg. Jezus kiest geen partij in het politieke gemanoeuvreer van zijn tijd. Hij staat juist kritisch tegenover leiders en machthebbers die meer met zichzelf bezig zijn dan goed voor hun mensen te zorgen. Het gaat Jezus om mensen, niet om macht. Hij wil een goede herder zijn die hart heeft voor zijn schapen.
Jezus zondert daarbij niemand uit. Alle mensen zijn bij hem welkom. In zijn tijd ging het dan om reinen en onreinen zoals de Wet van Mozes dat aangeeft. Het ging ook om zieken die volgens de traditie hun toestand wel aan zichzelf of aan hun naaste familie te danken zouden hebben. Maar wat doet Jezus? Hij raakt zelfs de melaatsen aan, de onreinen bij uitstek die zich buiten de gemeenschap moesten ophouden. Tenslotte ging het om de ar-men en de verdrukten, om allen die geen kans zagen zich aan hun benarde situatie te ontworstelen naar een betere levensstandaard. Voor al deze mensen wilde Jezus iets be-tekenen. Sterker nog, voor hem stonden ze niet aan de rand maar juist in het centrum van het Rijk van God dat hij op aarde wilde brengen. Zij vormden de kern van zijn beweging.
Die beweging had duidelijk pacifistische trekken. Jezus wilde zijn vijanden geen kwaad doen, integendeel. Misschien is het wel zijn moeilijkste opdracht: de vijand liefhebben, de vijand niet vervloeken maar zegenen. Oprecht hopen dat hem geen kwaad overkomt en dat hij het goedmaakt. Deze liefde tot de vijand is zo bovenmenselijk dat dit al voldoende reden is om Jezus Zoon van God te noemen. Dit is iets wat een gewoon mens te boven gaat. Maar Jezus bidt om vergeving voor wie hem kruisigen en hij vraagt hetzelfde van zijn volgelingen, wel met de belofte dat hij hen nooit in de steek zal laten.
Jezus belijden betekent: je door hem te laten inspireren, je door hem laten leiden. En de eerste stap daartoe is: zijn woorden en daden overwegen, altijd weer opnieuw. Dat we dat mogen doen, heel bewust, en mogen we inderdaad zijn inspiratie ervaren. Amen.