Kerstmis 2025 – Het Kerstverhaal volgens Lucas. Door Hans Kwakman msc
Het Kerstverhaal volgens Lucas, dat we zojuist gehoord hebben, lijkt eenvoudig, maar is tegelijk bijzonder schokkend. Het vertelt over de meest ingrijpende gebeurtenis in de geschiedenis van de mensheid en de evolutie van de schepping: de menswording van God. In Jezus Christus wordt God één van ons. God neemt deel aan onze geschiedenis en leeft, midden in deze chaotische wereld, met ons mee. Dit geldt niet alleen tweeduizend jaar geleden, maar ook vandaag de dag: God deelt ons dagelijks leven, ons gezin, onze gemeenschap. Op Kerstmis vieren we vol dankbaarheid en vreugde Gods betrokkenheid bij al wat wij meemaken en ervaren, De mooiste naam, die wij Jezus kunnen geven is dan ook de naam die de engel noemde aan Jozef: “Immanuel”, wat betekent: ‘God is met ons’ (Math 1:23).
Lucas’ beschrijving van Jezus’ geboorte is aangrijpend: Maria en Jozef worden niet gastvrij ontvangen, maar moeten als daklozen een schamel onderkomen zoeken. Hun armoede is schrijnend, hun zorgen groot; in die tijd stierven in arme gezinnen veel kinderen kort na de geboorte. God wordt mens onder erbarmelijke omstandigheden: uit onvermogende ouders, een arbeider als vader, een jong meisje als moeder, ver van huis, in een armzalig onderkomen in Bethlehem. Kort na de geboorte moeten Maria en Jozef vluchten. Zij worden landverhuizers in Egypte, op de vlucht voor een dictator, die hun kind en andere kinderen bedreigt. Jezus’ geboorte weerspiegelt het lot van kinderen van dakloze ouders vandaag, op de vlucht voor oorlog, corrupte machthebbers en armoede.
De herders, ongeletterde mensen, onderaan de sociale ladder, zijn de eersten, die getuigen mogen zijn van Gods komst in onze wereld. Hun aanwezigheid is geen toeval: zij vertegenwoordigen de hele mensheid, ons mensen van de eenentwintigste eeuw inbegrepen. Opvallend is dat zij niet naar de veilige, vertrouwde tempel in Jeruzalem worden gestuurd, maar juist naar een eenvoudige stal. Daar treffen ze een pasgeboren kind aan, gewikkeld in doeken en liggend in een voederbak.
Wat in het Kerstverhaal van Lucas bijzonder opvalt, is dat dit tafereel van armoede, zorg en dreigend gevaar door een engel wordt verkondigd als een blijde boodschap. De engel spreekt de herders moed in: ‘Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen dat grote vreugde betekent voor heel het volk.’ De geboorte van een kind uit arme ouders, in een voederbak, wordt gepresenteerd als goed nieuws, reden tot grote vreugde. Om deze blijde boodschap kracht bij te zetten, verschijnt er een hemels leger dat God eer bewijst met het loflied: ‘Eer aan God in de hoogste hemel en vrede op aarde voor de mensen die Hij liefheeft.’ Juist de geboorte van een kind in de meest armoedige omstandigheden wordt als blijde boodschap verkondigd. En engelen prijzen daar God voor. Had God niet op een meer gerieflijke manier mens kunnen worden?
In zijn apostolische brief over de liefde voor de armen beantwoordt Paus Leo die vraag. God heeft een bijzondere voorkeur voor de armen, betoogt hij en hij voegt eraan toe: “Juist om de beperkingen en kwetsbaarheid van onze menselijke conditie te delen, wordt God zelf arm…. In de kleinheid van een kind dat in een kribbe ligt leren wij God kennen.” En dan benadrukt Paus Leo dat de zorg voor mensen, die arm en onmachtig zijn een fundamentele manier is om de Heer van de geschiedenis te ontmoeten. De Paus verwijst hierbij naar Paulus, die schrijft dat Jezus Christus, hoewel rijk, omwille van ons arm is geworden, opdat wij door Zijn armoede rijk zouden worden (vgl. 2 Kor 8,9).
De menswording van God voltrekt zich niet alleen in het verleden. Ook vandaag is God aanwezig in arme, ontheemde mensen, die hulp nodig hebben, en tegelijk in hen die hulp bieden. Hij wordt zichtbaar in kinderen, zieken en ouderen die zorg behoeven, maar ook in degenen, die voor hen zorgen. In vluchtelingen, daklozen, slachtoffers van oorlogen en rampen en in gezinnen die afhankelijk zijn van de voedselbank is God liefdevol aanwezig, maar evenzeer in mensen die zich voor hen inzetten—thuis of ver weg.
Vaak zoeken we God op sfeervolle plaatsen zoals in mooi versierde kerken of kapellen, net als hier, maar Hij is ook aanwezig waar armoede en chaos heerst, aan de rand van de samenleving, op plekken waar we Hem niet verwachten. God toont zijn solidariteit met hulpbehoevenden via mantelzorgers, verplegers, verpleegkundigen, missionarissen, artsen zonder grenzen, medewerkers van het Rode Kruis en heel gewone mensen, die bereid zijn kwetsbare mensen te helpen.
Aanstaande zondag 28 december sluiten bisdommen wereldwijd het Heilig Jaar of Jubeljaar 2025 af. In dit jaar hebben Paus Franciscus en Paus Leo ons opgeroepen om te getuigen als “pelgrims van hoop.” Nu, aan het einde van het Jubeljaar, moedigen de bisschoppen ons aan om te blijven functioneren als ‘pelgrims van hoop,’ Om vertrouwen uit te dragen naar mensen, die in deze moeilijke tijd de hoop dreigen te verliezen. Maria en Jozef waren zelf pelgrims van hoop. Te midden van uitsluiting, armoede en gevaar werden zij voortgedreven door hoop, want zelfs in uitzichtloze omstandigheden hielden zij vast aan Gods beloften en bleven zij op God vertrouwen. Het Kerstfeest nodigt ook ons uit om hoop en vertrouwen uit te dragen. Ook wij mogen geloven dat in tijden van oorlog, geweld, angst, onrecht, of persoonlijk verlies God ons niet in de steek laat. Zijn naam is immers Immanuel: God met ons. *