Preek 8 februari 2026

Kapel Notre Dame, 5de zondag door het jaar, 8 februari 2026 / Antoon Egging msc
lezingen: Jesaja 58,7-10 en 1 Kor. 2,1-5 // evangelie: Matteüs 5,13-16.

INLEIDING
Het thema van deze eucharistieviering is “laat je licht stralen”. Een licht, een gloed, een gedrevenheid die van binnenuit komt. Daarmee ben je ook een stimulans, een levend voorbeeld voor een ander. Op de voorkant van het misboekje zien we tegen een donkergroene achtergrond drie gekleurde gestalten, die omgeven worden door een gloed van licht. Hun menselijke contouren zijn duidelijk te onderscheiden, maar ze hebben vanbinnen nog een lege ruimte. Het nodigt uit om het lege vlak in te vullen of er misschien een foto van jezelf op te plakken. Het zijn drie vreemde gestalten. Wie zijn het? Ze zijn niet alleen. Zijn het vrienden, lotgenoten die elkaar helpen of zien we hen als tegenstanders?

OVERWEGING
De drie personen op de voorkant van het misboekje zouden ons ook kunnen doen denken aan degenen die op de Olympische Winterspelen in Milaan en Cortina d’Ampezzo -in hun eigen categorie- als winnaar uit de bus komen en daarom samen op een verhoging plaats nemen om dan een gouden, zilveren of bronzen medaille in ontvangst nemen. Fototoestellen flitsen, een schijnwerper zet hen helder in een licht. Na eerst samen gestreden te hebben, komen ze hier als de overwinnaars uit de bus en worden ze in het zonnetje gezet. Ze zijn nu voor iedereen een bekend gezicht en blijven minstens tot de volgende spelen gevierd als Olympisch kampioen! Om dit goede resultaat te bereiken is zonder twijfel een lange tijd van intense voorbereiding vooraf gegaan. De vele inspanningen, al die oefeningen vereisen zelfopoffering en discipline. Het hele leven is afgestemd om op het juiste moment optimaal te kunnen stralen, ‘te pieken’. De teleurstelling is dan ook groot als het beoogde doel net niet gehaald wordt. Het gaat hier om een fysieke prestatie die je individueel of samen in een team hebt geleverd. Maar om de boodschap van de lezingen en het evangelie van vandaag goed te verstaan, moeten we toch anders te werk gaan. Het is niet om iets fysieks. Het gaat hier om geestelijke en morele waarden hoog te houden en niet om iets te presteren, voor een medaille. Dus niet voor het moment, maar iets wat dieper in je leven ingrijpt. Maar je mag daarbij best wel een fakkeldrager zijn d.w.z. voorop lopen, een voorbeeld zijn voor anderen!
Telkens weer bij een officiële opening van de Olympische Spelen, is het gebruik van vuur belangrijk. Het binnendragen van de brandende fakkel in het volle stadium en ook het spel van vele lichtjes in de duisternis krijgen een symbolische betekenis. De Olympische vlam en ook de samengevlochten ringen staan voor continuïteit, (ze) verbinden het verleden met heden en toekomst en staan ook voor fair play, inzet en verantwoordelijkheid.
“Laat je licht stralen”. Jesaja voegt daar voor ons aan toe: ‘Dan wordt uw nacht als de middag’. De sterkte waar de profeet Jesaja op doelt, is niet gebaseerd op fysieke krachtsinspanningen, maar op een besef nederig onze plaats weten ten overstaan van de Heer en op Hem vertrouwen! Jesaja legt ons uit hoe je licht zal gaan stralen door goede dingen te doen en dat je zo een goed voorbeeld bent, een licht voor anderen: ‘Wanneer gij uit uw midden het juk verwijdert, geen bedreigende vinger meer uitsteekt en geen kwaad meer spreekt’. En…wat we moeten doen: ‘Uw hart voor de hongerige openen en de mistroostige verzadigen’. Dit zijn woorden die overeenkomen met de zaligsprekingen van vorige week. God vraagt géén grote daden van ons maar eenvoud en oprechtheid. Het is een oproep om bescheiden te blijven en dankbaar te zijn, zodat we iets van het licht dat we zelf ook ontvangen hebben dóór mogen laten schijnen, zodat Gods wereld zichtbaar en concreet gemaakt wordt in en door de mensen die trouw blijven. Gods wereld wordt werkelijkheid in kleine gebaren van goedheid. Vertrouwen hebben op God en in elkaar, dat hebben we nodig. Haaks hierop staat een groeiend gevoel van angst, omdat in de huidige samenleving het leven steeds donkerder lijkt te worden. Hoop en vertrouwen zorgen voor meer verlichting. Psalm 112, de tussenzang bij de lezingen, sluit hier nauw op aan en ik citeer daaruit als volgt: ‘De rechtvaardige is voor de vrome een licht in de nacht, weldadig, barmhartig, rechtvaardig. Goed gaat het de man die weggeeft en leent, die zijn zaken eerlijk behartigt. Hij staat sterk en is voor slechte tijding niet bang. Hij blijft ongeschokt op de Heer vertrouwen’. In de tweede lezing van vandaag, de eerste brief aan de Korintiërs, schrijft Paulus dat hij zich soms ook zwak, nerveus en angstig voelde, maar steun zocht en kracht kreeg door God. En in het evangelie volgens Mattheüs luisteren we naar de woorden van Jezus zelf die zijn leerlingen toespreekt, aanspoort vurig te blijven en het goede voorbeeld te geven. Ook wij zijn leerlingen van Jezus. De gelijkenis met het zout der aarde dat zijn kracht niet mag verliezen, geldt dus ook voor ons. Durven we in ons leven ook van Hem te getuigen: sterk en moedig zijn? Het is niet belangrijk dat we hiermee ook een medaille verdienen. Én… Jezus noemt zijn leerlingen ook nog het licht van de wereld, zoals een stad op een berg duidelijk zichtbaar is en de lamp in huis voor iedereen moet branden. ‘Gij zijt het licht van de wereld en zo moet ook uw licht schijnen voor de mensen als een getuigenis van Gods aanwezigheid!’ Ja, wie leeft volgens Gods bedoelingen, geeft smaak aan de wereld en laat zijn licht zien. Hoe inspirerend en aantrekkelijk de Olympische spelen ook mogen zijn, het gaat voor een goed leven uiteindelijk niet om de fysieke kracht, maar om de innerlijke, morele kracht van een mens die zich daarin door God gesterkt weet. In dit licht mogen we op de oproep van paus Leo XIV plaatsen voor een Olympisch bestand (wapenstilstand) en vrede. Amen.

One comment

Leave a comment